Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

AQ1192

Datum uitspraak2004-07-13
Datum gepubliceerd2004-07-14
RechtsgebiedBouwen
Soort ProcedureVoorlopige voorziening
Instantie naamRechtbank Leeuwarden
Zaaknummers04/747 WRO
Statusgepubliceerd
SectorVoorzieningenrechter


Indicatie

Tijdelijke vrijstelling en bouwvergunning op grond van art. 17 WRO. Schorsing uitgesproken omdat wordt vooruit gelopen op de uitkomst van een art. 19 WRO procedure ten behoeve van de permanente vestiging van het bedrijf op het zelfde perceel.


Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN Sector bestuursrecht Proces-verbaal mondelinge uitspraak ex artikel 8:84 van de Algemene wet bestuursrecht Reg.nr.: 04/747 WRO Inzake het geding tussen [A, B, C en D], allen wonende te Kollumerzwaag, verzoekers, gemachtigde: ing. Y.A. Bartelds, juridisch adviseur te Drachten, en het college van burgemeester en wethouders van Kollumerland c.a., verweerder, gemachtigden: B. Bilker, burgemeester, en E. Tuinstra, werkzaam in gemeentelijke dienst. 1. Aanduiding van het besluit waarop het verzoek betrekking heeft Het besluit van verweerder van 11 mei 2004, waarbij aan Taxibedrijf Noord-Oost Friesland, gevestigd te Kollumerzwaag, onder gelijktijdige verlening van een tijdelijke vrijstelling voor de duur van twee jaren op grond van art. 17 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) een bouwvergunning is verleend voor het aanpassen van de bestaande opstallen op het perceel Foarwei 235 te Kollumerzwaag in verband met de tijdelijke vestiging van een call-centre met kantoorruimte ten behoeve van een taxibedrijf. 2. Datum van de zitting Het verzoek is behandeld ter zitting van 13 juli 2004. Namens verzoekers is verschenen ing. Bartelds voornoemd. Namens de vergunninghouder, Taxibedrijf Noord-Oost Friesland, is verschenen M. van der Zaag, directeur. Verweerder heeft zich doen vertegenwoordigen door de gemachtigden Bilker en Tuinstra voornoemd. 3. De voorzieningenrechter sluit de behandeling en doet onmiddellijk mondeling uitspraak a. De beslissing De voorzieningenrechter: - wijst het verzoek toe en schorst het bestreden besluit tot twee weken nadat de beslissing op bezwaar op de voorgeschreven wijze bekend is gemaakt, met dien verstande dat wanneer binnen die termijn opnieuw een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening is ingediend, de schorsing doorloopt totdat de voorzieningenrechter op dat nieuwe verzoek heeft beslist; - bepaalt dat de gemeente Kollumerland c.a. het griffierecht van € 136,00 aan verzoekers vergoedt; - veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekers ten bedrage van € 644,00, aan verzoekers te vergoeden door de gemeente Kollumerland c.a.; - wijst af hetgeen meer of anders is gevorderd. b. De gronden van de beslissing Voor het treffen van een voorlopige voorziening, zoals is gevraagd door verzoekers, is in beginsel aanleiding indien de voorzieningenrechter van oordeel is dat een tegen een besluit ingediend bezwaar- of beroepschrift gegrond zal worden verklaard. Op grond van de gedingstukken en het verhandelde ter zitting is komen vast te staan dat Taxibedrijf Noord-Oost Friesland zich permanent wil vestigen op het perceel Foarwei 235 te Kollumerzwaag. Het is niet in geschil dat het geldende bestemmingsplan zich hiertegen verzet. Er loopt inmiddels een procedure om hiervoor met toepassing van art. 19 WRO een bouwvergunning te verlenen. De verlening van de onderhavige bouwvergunning voor het aanpassen van de bestaande opstallen op voormeld perceel in verband met de vestiging van een call-centre met kantoorruimte ten behoeve van het taxibedrijf op het perceel, is mogelijk gemaakt door eem tijdelijke vrijstelling op grond van art. 17 WRO. Het is vaste rechtspraak dat de vrijstellingsbevoegdheid van art. 17 WRO, welke bepaling het mogelijk maakt om zonder tussenkomst van gedeputeerde staten af te wijken van een geldend bestemmingsplan, slechts kan worden toegepast indien het gaat om een als tijdelijk beoogde afwijking van dat plan. Bij de verlening van een vrijstelling op grond van art. 17 WRO dienen derhalve concrete, objectieve gegevens voorhanden te zijn op grond waarvan kan worden aangenomen dat het bouwwerk, de aanlegwerkzaamheden of het gebruik niet langer dan vijf jaren in stand zal blijven dan wel voortduren. Gelet op de feiten en omstandigheden van dit geval, wordt aan deze voorwaarde niet voldaan. Gebleken is dat met het bouwplan vooruit wordt gelopen op definitieve vestiging van een taxibedrijf. Art. 17 WRO biedt enkel mogelijkheid voor een tijdelijke vrijstelling, zodat verweerder ten onrechte vrijstelling heeft verleend. Derhalve is de bouwvergunning eveneens ten onrechte verleend. Het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter is daarom dat het bezwaarschrift naar verwachting gegrond zal worden verklaard. Gelet op de belangen van verzoekers is er aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter deelt mede dat tegen deze uitspraak geen hoger beroep open staat. De zitting wordt gesloten. Waarvan proces-verbaal. w.g. F.P. Dillingh, griffier w.g. E. de Witt, voorzieningenrechter Afschrift verzonden op: 14 juli 2004